Martinus Nijhoffbrug en spoorlijn als Voorland

De drukste brug van Nederland ligt over de Waal tussen Waardenburg en Zaltbommel. Achter een omvangrijk voorland (uiterwaard) zorgt de Waalbandijk voor droge voeten in Waardenburg. Op dit moment wordt langs de Waal tussen Tiel en Waardenburg (TiWa) een brede verkenning uitgevoerd naar de maatregelen die genomen kunnen worden om de waterveiligheid te verzekeren.

Om droge voeten ook in de toekomst zeker te stellen, zou de dijk hier moeten worden versterkt. Echter, woningen in en aan de dijk en het buitendijks gelegen Natura2000 gebied maken dijkversterking erg lastig. De landhoofden van de brug in de A2 en de spoorbrug van de lijn Utrecht – Den Bosch voorzien in mogelijke kansen. Waterschap Rivierenland verkent de mogelijkheid om aan deze landhoofden een waterkerende functie toe te kennen. Een dijkversterking kan hier dan achterwege blijven.

Hoog en breed
Mathijs Bos van Rivierenland: “De landhoofden vormen feitelijk voorliggende keringen op zo’n 300 meter vóór de primaire waterkering bij Waardenburg. Ze liggen relatief hoog, ruim boven de ontwerpwaterstand van de dijk. Ook zijn ze relatief breed.”
Hierdoor staat er bij de ontwerpwaterstand geen water tegen de primaire waterkering – mits de grondlichamen van de A2 en spoorlijn niet doorbreken. “Daarom denken wij na over het meenemen van de landhoofden in de waterkerende functie.”

Of dit kan, hangt in de eerste plaats af van de zekerheid waarmee de bijdrage van de landhoofden aan de waterkerende functie onder maatgevende omstandigheden aanwezig is. “Daarvoor is inzicht nodig in de bedreigingen door natuurlijke maar ook door menselijke invloeden onder zowel extreme als dagelijkse omstandigheden.”

Kansrijk
Op het eerste gezicht lijkt het meenemen van de landhoofden kansrijk. “De grondlichamen zijn hoog en breed waardoor ze mogelijk genoeg weerstand bieden tegen de mogelijke faalmechanismen,” aldus Mathijs.

Omdat de landhoofden onderdeel zijn van onze vitale infrastructuur is het beschermingsniveau en de mate van monitoring vergelijkbaar met dat van primaire waterkeringen. Het is te verwachten dat ook voor de landhoofden de zwaarste gevolgklasse conform Eurocode zal gelden. “Net als voor voor primaire waterkeringen dus.”

Natuurlijk heeft het waterschap oog voor eventuele gevaren. Zo is piping bij de zestig meter brede spoordijk voor Rivierenland een aandachtspunt. “We hebben hier een groot waterstandsverschil van 6 à 7 meter. Daarnaast is kortsluiting door het zandlichaam wellicht een risico.” Nader onderzoek naar de grondopbouw is daarom gewenst. Een 3D-model (geometrie en bodem) biedt mogelijk inzicht in de zwakke plekken. “Op basis daarvan kunnen we een dan nadere analyses maken.”

’Meekoppelen’ NS & ProRail
Verder zijn er nog andere uitdagingen die voor hoofdbrekens zorgen, zoals de wens vanuit omgeving om een gelijkvloerse kruising te realiseren als het treinverkeer wordt geïntensiveerd. Om die reden worden de NS en ProRail in de plannenmakerij betrokken, die overigens ook een belang hebben bij een goede waterkerende functie van de landhoofden. Er zal door alle betrokken partijen worden gekeken naar meekoppelkansen.

“Als gewenste infrastructuur wordt ingepast in plannen voor de waterkering, wordt iedereen er beter van. Tegelijk beperken we de overlast door werkzaamheden gecombineerd in één keer uit te voeren,” aldus Mathijs Bos.

Meer weten?

http://www.dijkverbetering.waterschaprivierenland.nl/common/projecten/tiel—waardenburg/tiel—waardenburg.html